Geschiedenis van de familiekroniek

De Loo-Kroniek is kort na de Tweede Wereldoorlog ontstaan. Joost van der Loo, de oprichter van de Stichting Loo-archief, liet in februari 1946 het eerste nummer drukken met financiële steun van een aantal familieleden. De naam van het familieblad luidde toen en luidt nu nog steeds: “Loo-Kroniek, familietijdschrift voor de leden van het geslacht Loo”.

Eerste Loo-Kroniek, februari 1946

In het eerste nummer staat een ‘Ten geleide’ waarin de familieleden wordt uitgelegd wat zijn bedoeling is met het familieblad. Het eerste artikel heeft betrekking op de executie van Jan van der Loo door de Duitse bezetters op 22 september 1944. Hierin verscheen ook de eerste ‘Kroniek’ waarin memorabele, actuele feiten in de familie werden gedeeld. Deze ‘Kroniek’ heeft betrekking op de periode 1940-1945. In het artikel ‘De gruwel der verwoesting’ werd opgesomd hoe familieleden in de oorlog te lijden hadden van het oorlogsgeweld. Ook de oudere familieleden werden geëerd in een kort artikel over ‘Onze seniores’. Tot slot was er een artikel over onze oorsprong. ‘Was onze bakermat Asperden Geldersch of Kleefsch?’
Uit het eerste nummer valt tevens op te maken dat hij een enquête onder familieleden heeft gehouden om na te gaan hoeveel nummers men graag wilde ontvangen: de meerderheid sprak zich uit voor een ‘viermaandelijksch verschijnen’, dus met 3 nummers per jaar, een ambitieuze start.
Dat bleek al gauw geen haalbare kaart. Niet alleen waren daarvoor de drukkosten veel te hoog, maar de uitgave van zoveel nummers vormde ook een te grote belasting voor Joost van der Loo, die alles grotendeels alleen moest doen.
In totaal zouden er tot begin 1960 veertien nummers verschijnen, met vele interessante artikelen over onze familiegeschiedenis

En toen werd het stil.

Na een lange winterslaap zorgde de grote familiereünie in 1979 in kasteel Doornenburg te Bemmel voor een nieuwe impuls. Bij die gelegenheid verscheen Loo-kroniek nummer 15 kreeg Joost de steun van een geheel  verjongd bestuur

van de Stichting Loo-Archief en er werd een redactieteam geformeerd. En vanaf 1981 begon de Loo-kroniek weer regelmatig te verschijnen. Grote steunpilaar en drijvende kracht voor de productie en verzending van de Loo-kroniek was Pieter van de Loo (1941-2003). Dankzij zijn technisch en organisatorisch talent kon hij de Loo-kroniek grotendeels in eigen beheer produceren. Dankzij de gevormde structuur van redactieteam en productie, kon ook na het overlijden van Joost van der Loo de Loo-kroniek blijven verschijnen. Na het veel te vroeg overlijden van Pieter van de Loo, heeft Lex van der Loo een belangrijk deel van de taken van Pieter overgenomen. Hij is als eindredacteur verantwoordelijk voor de productie en complete opmaak van ons tijdschrift en voor de plaatsing van de artikelen.

De eerste nummers van de Loo-kroniek werden gedrukt. Dat betekende dat alle teksten gezet moesten worden en dat alle foto’s eerst gerasterd werden en daarna omgezet in een cliché. Een procedé dat niet alleen veel tijd kost, maar ook kostbaar was. Als gevolg daarvan stonden er in die tijd een beperkt aantal zwart-wit foto’s in. Het nummer met de bruine kaft— het enige nummer overigens met zo’n gekleurde kaft— werd voor zover we nu kunnen nagaan als eerste gefotokopieerd. Dat betekende een aanzienlijke besparing in de opmaakkosten. Bovendien bood dat de mogelijkheid om eenvoudiger met tekeningen en kopteksten boven de artikelen om te gaan.

De volgende ontwikkeling was de introductie van de tweetaligheid. In nummer 24 van november 1983 zien we voor het eerst de Nederlands en Duitse teksten naast elkaar staan; dit wordt het basisstramien voor de komende jaren. Dan wordt in 2004 met nummer 52 de Loo kroniek in twee edities uitgegeven: een Nederlandstalige en een Duitstalige uitgave. Dit scheelt aanzienlijk in de verzendkosten en vergroot het leesgemak. Een nadeel is dat de tweetaligheid in onze familie minder zichtbaar is dan wanneer de twee edities in één nummer worden gecombineerd. In dat nummer wordt de basis gelegd voor de huidige opmaak. Zo zijn in dit nummer ook de eerste kleurenfoto’s te zien. Tot slot wordt in nummer 57 voor het eerst gebruik gemaakt van de huidige vormgeving met kleurenfoto’s en kleuren voor de tekstkoppen. Ook zijn dan voor zowel de gedrukte als elektronische versies van de Loo-kroniek ISSN-nummers verkregen. Daarmee is de Loo-kroniek een professionele uitgave op het gebied van familiegeschiedenis die zich kan meten met de beste uitgaven op dit terrein.

Inmiddels (januari 2017) zijn er 62 nummers verschenen.